Rings Up!

Spelbeschrijving

rings-upBen jij behendig en snel, en kan je tellen tot 8? Kom dan mee rond de tafel zitten, we spelen een spelletje Rings Up! In plaats van één ring rond je ringvinger schuiven we meerdere ringen rond onze duim. Je mag niet zomaar kiezen welke ringen, de volgorde en de kleur is van groot belang. En haast je, want enkel de eerste speler krijgt de kaart als overwinningspunt!

Eén van de spelers draait een opdrachtkaart om, waarna alle spelers gelijktijdig de ringen rond hun duim schuiven. Op de kaart zie je verschillende kleuren met telkens een getal in, dat is de volgorde waarin je de ringen om je duim moet schuiven. Als je klaar bent steek je je duim op en roep je ‘OK’! De speler die daar als eerste in slaagt neemt de opdrachtkaart. Deze speler moet de volgende opdracht omdraaien. Van zodra één speler er in geslaagd is om 7 opdrachtkaarten te verzamelen eindigt het spel, dit is de winnaar.

Er zijn ook enkele varianten voorzien, zo kan je de ringen vb. per kleur rond je vingers schuiven i.p.v. op tafel te leggen. Je moet de ringen dan zo snel mogelijk rond één vinger, in de juiste volgorde krijgen, zonder tussendoor ringen neer te leggen. Je kan er ook voor kiezen om alle ringen op een hoopje op tafel te leggen, i.p.v. een stapeltje per speler. Je kan het ook moeilijker maken door bij het omdraaien een getal te roepen dat je tijdens de komende ronde moet negeren.

Onze mening

Rings Up! is een kinderspel dat meteen in het oog springt, het is kleurrijk en heeft mooie illustraties. Ook de ringen trekken de aandacht van elk kind, want elk kind wilt wel eens graag een ring dragen, al is het één van papier! Een snelheidsspel is altijd moeilijk als de kinderen onderling van leeftijd verschillen, bij zo’n spellen zie je regelmatig dat het steeds dezelfde is die zal winnen. Dat maakt dat de verliezers het spelletje al snel beu gespeeld zijn, terwijl de winnaars er dol op zijn. Een fenomeen dat we bij dit soort spelletjes niet kunnen vermijden en dus ook deze keer weer het geval is. Rings Up is een leuk spel in zijn categorie, zonder daarbij uit de boot te vallen of er bovenuit te springen. Het aantal (7) kaarten dat je moet halen om te winnen is oké als je met 2 of 3 spelers bent, al mocht het voor ons een lager getal zijn, om te voorkomen dat je eindeloos lang met die plastic ringen zit te spelen.

Conclusie: Alle (kleine) duimpjes omhoog voor dit snelle spel met kleuren en getallen!

Rings Up!

Met dank aan Blue Orange!

Met dank aan Blue Orange!

Rings Up!

Auteur: Alexandre Droit
Uitgever: Blue Orange Games
Aantal spelers: 2 – 6
Tijdsduur: ± 10 min.
Vanaf 6 jaar

Race to the North Pole

Spelbeschrijving

Je staat aan het hoofd van een vierkoppig team avonturiers, net als de andere teams heb je maar één doel voor ogen: als eerste de Noordpool bereiken! Dit gaat niet zomaar zonder slag of stoot, de storm en je medespelers hebben geen medelijden. Het speelbord (met in het midden de noordpool) ziet er elke keer anders uit!

Afhankelijk van het aantal spelers moet je nog 2 tot 4 teamleden naar de Noordpool zien te krijgen. Aan het begin van je beurt plaats je één van je overige expeditieleden op het bord, daarna kies je één van de kaarten die momenteel voor jou op het bord liggen als actie. Met deze actie kan je bewegen en/of tegenstanders van het bord slaan in een bepaalde richting. Vervolgens wordt deze kaart op de stormstapel gelegd en controleer je onmiddellijk of het aantal punten op de kaart reeds een storm veroorzaakt. Wanneer je dat aantal hebt bereikt (verschillend naar gelang het aantal spelers) bepaalt de bovenste kaart op de stormstapel in welke richting het bord beweegt. Je expeditieleden staan misschien wel aan de andere kant van het bord! Tenslotte worden de kaarten voor jou aangevuld tot drie, al kan het gebeuren dat dit door de storm niet nodig is en één van je tegenstanders plots een kaart minder heeft… pech!

Elk team start met twee uitrustingen die van pas kunnen komen op je reis. Met een Husky kan je een extra kaart spelen terwijl je met sneeuwschoenen die lastige barsten in het ijs kan negeren. Een iglo beschermt je voor tegenstanders en een pikhouweel laat je de Noordpool langs eender welke kant beklimmen in plaats van die ene beschikbare kant. Tenslotte is er ook nog een rugzak om een kaart te bewaren en het kompas dat je toelaat de positie van de Noordpool te veranderen. Je kan extra uitrustingen verdienen door tegenstanders te slaan of door ze te vinden in de hoeken van het speelbord. Helaas kan ook dit negatief uitdraaien: misschien heb je pech en wordt er hierdoor wel een extra storm veroorzaakt? Een risico dat je zal moeten nemen! De speler die als eerste zijn 4de expeditielid naar de Noordpool gebracht heeft wint het spel!

Onze mening

Race to the North Pole heeft best een indrukwekkend bord voor zo’n eenvoudig spel te zijn. Dankzij de plexiplaatjes in de bovenste laag verandert het bord bij elke storm. Het spel voorziet heel wat verschillende teams, daarnaast zijn er ook kaarten voorzien om nog een eigen team te tekenen. Je vindt ook blanco actiekaarten en uitrustingsfiches in de doos, creatievelingen: ga je gang! Wij speelden het basisspel eerst met een groepje veelspelers, dat draaide op niets uit. Geen enkele positieve opmerking, het werd teniet gedaan als een ordinair, saai spel. Een nieuwe kans, met de juiste doelgroep, leverde een heel ander resultaat op. Race to the North Pole moet je zien als een kinderspel, een heel eenvoudig familiespel. Dan wordt het pas leuk en uitdagend. Het wordt een te gekke race waarbij je ongetwijfeld een gezonde portie geluk bij kan gebruiken. Soms kan je van die storm nuttig gebruik maken en brengt hij jouw teamleden wel een stapje dichter bij de Noordpool. De storm kan er ook voor zorgen dat je plots beter handkaarten krijgt en je teamleden plots met jouw stomme kaarten opgescheept zitten, of misschien heb je zelfs helemaal géén kaarten meer aan het begin van je beurt? Ik weet zeker dat de kinderen hier later nog veel plezier aan gaan beleven, de mogelijkheid tot het personaliseren van je teams zal daar zeker toe bijdragen. De herspeelbaarheid is voor een volwassene niet groot, voor kinderen dan weer wel. Het grootste nadeel aan dit spel is de spelregelboek: alles (maar dan écht alles!) wordt uitgelegd aan de hand van een (Engelstalig) stripverhaal. Kinderen lezen graag stripverhalen, maar als je spelregels wilt lezen of als je tussendoor vlug iets wilt opzoeken dan is dat allesbehalve handig.

Conclusie: Race to the North Pole is een heel leuk familiespel voor (jonge) kinderen!

Met dank aan Playmore Games!

Met dank aan Playmore Games!

Race to the North PoleRace to the North Pole

Auteurs: Jouni Jussila & Tomi Vainikka
Uitgever: Playmore Games
Aantal spelers: 2 – 4
Tijdsduur: ± 45 min.
Vanaf 7 jaar

Rings Up!

Spelbeschrijving

rings-upBen jij behendig en snel, en kan je tellen tot 8? Kom dan mee rond de tafel zitten, we spelen een spelletje Rings Up! In plaats van één ring rond je ringvinger schuiven we meerdere ringen rond onze duim. Je mag niet zomaar kiezen welke ringen, de volgorde en de kleur is van groot belang. En haast je, want enkel de eerste speler krijgt de kaart als overwinningspunt!

Eén van de spelers draait een opdrachtkaart om, waarna alle spelers gelijktijdig de ringen rond hun duim schuiven. Op de kaart zie je verschillende kleuren met telkens een getal in, dat is de volgorde waarin je de ringen om je duim moet schuiven. Als je klaar bent steek je je duim op en roep je ‘OK’! De speler die daar als eerste in slaagt neemt de opdrachtkaart. Deze speler moet de volgende opdracht omdraaien. Van zodra één speler er in geslaagd is om 7 opdrachtkaarten te verzamelen eindigt het spel, dit is de winnaar.

Er zijn ook enkele varianten voorzien, zo kan je de ringen vb. per kleur rond je vingers schuiven i.p.v. op tafel te leggen. Je moet de ringen dan zo snel mogelijk rond één vinger, in de juiste volgorde krijgen, zonder tussendoor ringen neer te leggen. Je kan er ook voor kiezen om alle ringen op een hoopje op tafel te leggen, i.p.v. een stapeltje per speler. Je kan het ook moeilijker maken door bij het omdraaien een getal te roepen dat je tijdens de komende ronde moet negeren.

Onze mening

Rings Up! is een kinderspel dat meteen in het oog springt, het is kleurrijk en heeft mooie illustraties. Ook de ringen trekken de aandacht van elk kind, want elk kind wilt wel eens graag een ring dragen, al is het één van papier! Een snelheidsspel is altijd moeilijk als de kinderen onderling van leeftijd verschillen, bij zo’n spellen zie je regelmatig dat het steeds dezelfde is die zal winnen. Dat maakt dat de verliezers het spelletje al snel beu gespeeld zijn, terwijl de winnaars er dol op zijn. Een fenomeen dat we bij dit soort spelletjes niet kunnen vermijden en dus ook deze keer weer het geval is. Rings Up is een leuk spel in zijn categorie, zonder daarbij uit de boot te vallen of er bovenuit te springen. Het aantal (7) kaarten dat je moet halen om te winnen is oké als je met 2 of 3 spelers bent, al mocht het voor ons een lager getal zijn, om te voorkomen dat je eindeloos lang met die plastic ringen zit te spelen.

Conclusie: Alle (kleine) duimpjes omhoog voor dit snelle spel met kleuren en getallen!

Rings Up!

Met dank aan Blue Orange!

Met dank aan Blue Orange!

Rings Up!

Auteur: Alexandre Droit
Uitgever: Blue Orange Games
Aantal spelers: 2 – 6
Tijdsduur: ± 10 min.
Vanaf 6 jaar

Schetenjacht

Spelbeschrijving

Schetenjacht1Ohh… Bah.. Wie heeft die stinkende scheet gelaten? Wat prijzen we ons gelukkig dat kinderspelen de dag van vandaag nog steeds zonder geuren werken, want dit is wel degelijk het thema van dit nieuwe spel! Kan jij het goed verstoppen als je een scheetje laat? Kan je je lach inhouden? De andere spelers zijn alerter dan ooit, probeer elkaar te misleiden en maak een grote sprong richting winst.

Elke speler krijgt een eigen scheetkussen en verstopt dit onder tafel. Nadat we hebben aangegeven welke spelerskleuren meedoen drukken we opnieuw op de startknop en begint het spel. Na enkele seconden zal op één van de scheetkussens een lampje gaan branden, maar pas op: je medespelers mogen dat niet zien! Brandt het lampje op jouw kussen? Druk dan op de knop om een grappig scheetgeluid te maken. Iedereen gaat meteen aan de slag: “wie heeft dat scheetje gelaten?” Observeer de houding en gezichten van je tegenstanders en probeer te raden wie het was, richt je neus naar de juiste persoon! Als schetenlater doe je uiteraard gewoon mee, alsof je van niets weet.. Lach maar mee, of probeer serieus te blijven, en richt je neus vooral naar één van de andere spelers!

Nadat iedereen zijn neus gericht heeft wordt de schetenlater bekend gemaakt: voor elke speler dat hij voor de gek heeft gehouden ontvangt hij één punt, daarnaast ontvangen alle spelers die correct gekozen hebben ook een punt. De speler die als eerste het eindpunt bereikt wint het spel!

Onze mening

Het lijkt wel alsof er elk jaar een kinderspel met een ‘vies thema’ op de markt moet komen, maar toch blijven de kinderen zich onnozel lachen met dit soort spellen. Het materiaal van Schetenjacht is best van goede kwaliteit, het ziet er meteen leuk uit! Het idee is leuk, in dit spel leren kinderen bluffen en observeren. Iets wat veel gemakkelijker klinkt als dat het lijkt. De meeste kinderen beginnen al te blozen als ze het lichtje zien branden, het duwen op de knop lukt dan al helemaal niet meer ongemerkt. Je merkt dat ze er doorheen het spel steeds beter in worden. De leeftijdsaanduiding (5+) mocht van ons iets hoger zijn, aangezien zo jonge kinderen het vaak nog te moeilijk hebben om zo te bluffen. Het spel duurt net iets te lang om aandachtig te blijven tot het bittere eind, misschien had het eindpunt beter wat dichterbij geweest, afhankelijk van het aantal spelers. Het bord is mooi, maar niet zo handig als je met meerdere figuren op dezelfde plaats staat. Schetenjacht viel goed in de smaak bij de kids, maar de herspeelbaarheid bleek niet zo groot. Dit vooral omdat je je medespelers stilaan leert kennen, na enkele sessies (of soms na één sessie aangezien die zolang duurt) weet je wel hoe je medespelers reageren op een brandend lichtje. Schetenjacht blijft het leukste als je het steeds met andere mensen kan spelen, maar dat is in de meeste situaties niet het geval.

Conclusie: Schetenjacht zorgt voor veel plezier maar overtuigt net niet genoeg om steeds opnieuw te spelen!

Schetenjacht_RSchetenjacht

Met dank aan Goliath!

Met dank aan Goliath!

Uitgever: Goliath Games
Aantal spelers: 3 – 4
Tijdsduur: ± 15 min.
Vanaf 5 jaar

Spinderella

Spelbeschrijving

Vandaag vindt de internationale mierenmarathon plaats in het grote bos, de organisatoren wisten echter niet dat dit bos ook het grote speelterrein is van Peter, Parker en Spinderella. Spinderella haar favoriete bezigheid is mieren vangen en terug  brengen naar de plaats waar ze vandaan kwamen, dat ze hierdoor de competitie beïnvloed maakt het nog eens zo leuk! Haar twee grote tweelingbroers, Peter en Parker, halen Spinderella omhoog en omlaag met één draadje spinsel. Bereikt jouw mierenteam als eerste de finish?

Als je aan de beurt bent dobbel je drie dobbelstenen: een zwarte, een bruine en een groene. De groene dobbelsteen zal aangeven welke actie je deze beurt kan uitvoeren. Met het symbooltje van de mier kan je uiteraard één van je drie mieren verplaatsen in het bos, het aantal stappen dat je kan doen wordt bepaald door de bruine dobbelsteen. Mieren kunnen eindigen op een andere mier, als de onderste mier vervolgens wilt bewegen zal ze alle mieren op haar meenemen! Als de groene dobbelsteen een spin weergeeft kan je Peter of Parker verplaatsen volgens het aantal op de zwarte dobbelsteen. Als Spinderella hierdoor te dicht bij de mieren komt dan bestaat de kans dat ze een mier vangt! Deze mier moet nu helemaal terug naar haar startpositie. De groene dobbelsteen bevat ook een blad, wanneer je dit dobbelt kan je de grote boomstam verplaatsen. Mieren onder de boomstam kunnen voorlopig niet meer bewegen tot wanneer de stam terug verplaatst wordt. Na de boom-actie kan je nog een extra bewegingsactie doen met de mier of de spinnen.

Van zodra één speler er in slaagt om zijn drie mieren veilig naar de andere kant van het bos te brengen eindigt het spel: deze speler is de verdiende overwinnaar!

Onze mening

Spinderella won dit jaar de Duitse titel ‘Kinderspiel des Jahres’, dat wil al iets zeggen. Ook deze keer garandeert deze prijs opnieuw een pareltje in het kindersegment. Om te beginnen ziet Spinderella er erg aantrekkelijk uit: mooie illustraties op de doos en een indrukwekkend ‘speelplatform’. We spreken hier niet meer over een doorsnee speelbord, de doos wordt als het ware omgetoverd tot een echt bos. De spinnen en het leuke touw-mechanisme maken het bovendien nog leuker, al moeten de kinderen tijdens hun eerste speelsessie wel leren dat de twee spinnen broeders niet té ver uit elkaar mogen staan. Het plattegrond waarover de mieren bewegen heeft twee versies: een makkelijke (en korte) weg aan de ene zijde, een langere weg aan de andere zijde. In je eerste sessie is het aangeraden de makkelijke versie te kiezen, later vind je vast meer uitdaging met de andere kant. Een portie geluk kan je wel gebruiken in dit kinderspel, maar toch is het op vlak van inzicht een leerrijke oefening: hoe verplaats ik die spinnen zodat ze de mier van mijn tegenspeler vangen? Welke mier verplaats ik op welk moment? Waar plaats ik de boomstam?… Kinderen van 6 jaar kunnen meestal nog wat hulp gebruiken tijdens hun eerste speelsessie, maar zoals bij vele andere spellen zal je ook bij dit spel merken dat ze er na enkele keren volledig mee weg zijn. Ook iets oudere kinderen beleven nog plezier aan Spinderella, en als we heel eerlijk zijn… de volwassenen vinden het ook best leuk! De herspeelbaarheid is vrij hoog en het aantal spelers heeft weinig invloed op het spel: of je nu met 2, 3 of met 4 bent? Spinderella is altijd een goed!

Conclusie: Spinderella garandeert veel plezier voor jong en oud!

Spinderella

Met dank aan Zoch verlag!

Met dank aan Zoch verlag!

Spinderella

Auteur: Roberto Fraga
Uitgever: Zoch Verlag
Aantal spelers: 2 – 4
Tijdsduur: ± 20 min.
Vanaf 6 jaar

Mein erstes Bohnanza

Spelbeschrijving

Vanaf nu kan je Boonanza ook met je kleinste vriendjes spelen, “Mein erstes Bohnanza” is voor spelers vanaf vier jaar. Beginnend met een erg vereenvoudigde variant leren de kinderen de eerste basisregels van Boonanza. Wanneer je die basisregels eenmaal onder de knie hebt is het tijd voor een volgende stap die een klein tikkeltje moeilijker is. Zo kunnen de kleinste Boonanza fans al na zes stappen meespelen met het originele spel. Maar laat ons beginnen bij het begin:

In deze vereenvoudigde variant krijgen alle spelers vijf bonenkaarten, deze worden niet op hand genomen maar komen open op tafel te liggen. Heel belangrijk: de volgorde van deze kaarten mag je NOOIT veranderen, meteen één van de belangrijkste spelregels van Boonanza. Elk van deze kaarten heeft een zogenaamde boon-o-meter, je vindt er namelijk hoeveel van dat type kaarten je nodig hebt om één thaler te verdienen. Als je aan de beurt bent plant je jouw eerste kaart op één van je twee velden, als je wil/kan, mag je ook je tweede kaart nog aanplanten. Vervolgens leg je twee kaarten (van de trekstapel) open op tafel, je kan nu beginnen ruilen met je tegenstanders. Je mag de twee opengelegde kaarten én je persoonlijke kaarten te ruil aanbieden, vergeet daarbij niet te vermelden wat je graag in de plaats had gehad. Je mag met iedereen ruilen, maar je tegenstanders mogen niet onderling ruilen, de actieve speler moet steeds in de ruil betrokken zijn. Je mag de opengelegde kaarten ook schenken, indien iemand kandidaat is om ze te aanvaarden. Alle kaarten die je via ruil ontvangt (dat geldt ook voor je tegenspelers) moeten meteen op je velden geplant worden. Één ding is zeker: de twee kaarten in het midden van de tafel moeten gepland worden. Of je plant ze zelf, of je ruilt ze met een medespeler. Bij het planten probeer je steeds éénzelfde soort op elkaar te planten, van zodra je het vermelde aantal kaarten hebt bereikt worden deze bonen automatisch geoogst (= weggenomen), in ruil daarvoor krijg je één bonenthaler van een aparte stapel. Indien je toch een kaart moet planten die je niet op je velden hebt liggen mag die daar gewoon bovenop, maar je begint dan – in die nieuwe soort – wel opnieuw te tellen tot wanneer je het vermelde aantal hebt bereikt. Om je beurt af te ronden neem je drie nieuwe kaarten voor je persoonlijke voorraad. Het spel eindigt nadat de stapel één, twee of drie keer leeg is, afhankelijk van het spelersaantal. De speler met de meeste thalers wint het spel.

In een tweede fase doen enkel bonenkaarten mee met een iets uitgebreidere boon-o-meter. Je zal nu beslissingen moeten maken: doe ik mijn bonen weg voor één thaler, of spaar ik nog een klein beetje langer om twee thalers te ontvangen? Je hebt bij al deze bonen namelijk twee opties. In een volgende fase kunnen alle bonen samen gebruikt worden, zowel die met één thaler als die waar je ook twee thalers mee kan verdienen. Vanaf nu is er geen reservestapel met bonenthalers maar wordt het basis oogstprincipe uit Boonanza aangeleerd: wanneer je oogst hou je één (of twee) kaarten die je omdraait als bonenthaler en leg je enkel de overige kaarten op de aflegstapel. Om alles in goede banen te leiden krijgen de speler(tje)s in deze fase een derde bonenveld ter beschikking. In een volgende stap is het gedaan met de regel waarbij je verschillende soorten op één veld mag planten. Als je een kaart wilt/moet planten die je nog niet bezit dan zit er niets anders op dan een bestaand veld te oogsten, ook al verdien je daar deze keer geen thalers mee… In een volgende stap krijg je het derde bonenveld niet meer automatisch maar zal je het moeten aankopen voor drie thaler, en in de voorlaatste stap worden de kaarten op hand genomen en liggen ze niet meer zomaar op tafel. Tenslotte wordt de regel bijgevoegd waarbij je een veld dat maar uit één boon bestaat niet mag oogsten wanneer je op één van je andere velden meer bonen geplant hebt. Na deze stap zijn de jonge moestuiniers klaar voor het echte spel. Je kan deze junior variant naar believen combineren met het basisspel.

Onze mening

Dat er – eindelijk – een junior versie verschijnt voor Boonanza kunnen we alleen maar toejuichen, maar dat hadden jullie wellicht al kunnen voorspellen. De leeftijdsaanduiding 4+ lijkt ons op het eerste zicht jong, maar we konden het (nog) niet proberen met iemand van die leeftijd. We speelden de gemakkelijkste versie met kinderen van 7 jaar en ouder, zij waren alvast grote fans van deze Boonanza. Je merkte wel dat ze het zeer snel onder de knie hadden en al snel klaar waren voor een volgende stap, dus je kan er zeker wel vroeger mee beginnen. Het is duidelijk voelbaar dat deze variant mede door pedagogen ontwikkeld is, het zit geweldig in elkaar. Ze leren de basisregels van Boonanza, dankzij de openliggende kaarten kan je hen perfect helpen en tips geven. De kinderen krijgen ook wat inzicht, ze weten al snel welke bonen beter zijn dan anderen en leren ook beter onderhandelen. De verschillende stappen om het basisspel aan te leren zijn heel goed gevonden. Enerzijds lijken het kleine stapjes, anderzijds zijn ze gewoon compleet. Als je kinderen enthousiast zijn over deze versie kunnen ze voor je het al te goed beseft meespelen met de volwassenen. Het materiaal is naar ons mening iets minder kindvriendelijk. De briefjes die de bonenvelden moeten voorstellen zijn vrij dun en zien snel af, we hadden liever een iets dikker karton gezien daarvoor. De tekeningen zijn – zoals altijd – heel leuk en mooi. Wat extra goed is in deze versie is dat de tekeningen zowel meisjes als jongens aanspreken. Er zijn namelijk prinsessenbonen, maar even goed draken! Een klein nadeel is wellicht dat je minstens met 3 moet zijn, maar dat is ook met het basisspel al zo. Bovendien kan je de (jongste) kinderen best niet alleen laten spelen, ze kunnen in het begin best wel wat hulp van een volwassenen gebruiken. Helaas is dit spel (nog) niet in het Nederlands verkrijgbaar en zal je best wat moeite moeten doen om de Duitse versie te bemachtigen. Als je zelf de spelregels onder de knie krijgt is deze variant wel perfect te spelen met de kinderen, op de kaarten en/of velden is namelijk geen woordje tekst te bespeuren. De verschillende bonen krijgen vanzelf hun bijnaam, al snel klinkt de vraag “Wil je die boef ruilen tegen mijn koning?”. Wij zijn alvast meer dan overtuigd van dit kinderspel, wees maar zeker dat dit hier binnen een kleine vier jaar nog vaak op tafel zal verschijnen!

Conclusie: Mein erstes Bohnanza is niet alleen een ideale opstap naar het basisspel Boonanza, maar is ook gewoon een heel leuk en leerrijk kaartspel voor kinderen!

BohnanzaMein erstes Bohnanza

Auteurs: Heike Kiefer, Hayo Siemsen & Uwe Rosenberg
Uitgever: Amigo Spiele
Aantal spelers: 3 – 5
Tijdsduur: ± 30 min.
Vanaf 4 jaar

Mein erstes Bohnanza

Spelbeschrijving

Vanaf nu kan je Boonanza ook met je kleinste vriendjes spelen, “Mein erstes Bohnanza” is voor spelers vanaf vier jaar. Beginnend met een erg vereenvoudigde variant leren de kinderen de eerste basisregels van Boonanza. Wanneer je die basisregels eenmaal onder de knie hebt is het tijd voor een volgende stap die een klein tikkeltje moeilijker is. Zo kunnen de kleinste Boonanza fans al na zes stappen meespelen met het originele spel. Maar laat ons beginnen bij het begin:

In deze vereenvoudigde variant krijgen alle spelers vijf bonenkaarten, deze worden niet op hand genomen maar komen open op tafel te liggen. Heel belangrijk: de volgorde van deze kaarten mag je NOOIT veranderen, meteen één van de belangrijkste spelregels van Boonanza. Elk van deze kaarten heeft een zogenaamde boon-o-meter, je vindt er namelijk hoeveel van dat type kaarten je nodig hebt om één thaler te verdienen. Als je aan de beurt bent plant je jouw eerste kaart op één van je twee velden, als je wil/kan, mag je ook je tweede kaart nog aanplanten. Vervolgens leg je twee kaarten (van de trekstapel) open op tafel, je kan nu beginnen ruilen met je tegenstanders. Je mag de twee opengelegde kaarten én je persoonlijke kaarten te ruil aanbieden, vergeet daarbij niet te vermelden wat je graag in de plaats had gehad. Je mag met iedereen ruilen, maar je tegenstanders mogen niet onderling ruilen, de actieve speler moet steeds in de ruil betrokken zijn. Je mag de opengelegde kaarten ook schenken, indien iemand kandidaat is om ze te aanvaarden. Alle kaarten die je via ruil ontvangt (dat geldt ook voor je tegenspelers) moeten meteen op je velden geplant worden. Één ding is zeker: de twee kaarten in het midden van de tafel moeten gepland worden. Of je plant ze zelf, of je ruilt ze met een medespeler. Bij het planten probeer je steeds éénzelfde soort op elkaar te planten, van zodra je het vermelde aantal kaarten hebt bereikt worden deze bonen automatisch geoogst (= weggenomen), in ruil daarvoor krijg je één bonenthaler van een aparte stapel. Indien je toch een kaart moet planten die je niet op je velden hebt liggen mag die daar gewoon bovenop, maar je begint dan – in die nieuwe soort – wel opnieuw te tellen tot wanneer je het vermelde aantal hebt bereikt. Om je beurt af te ronden neem je drie nieuwe kaarten voor je persoonlijke voorraad. Het spel eindigt nadat de stapel één, twee of drie keer leeg is, afhankelijk van het spelersaantal. De speler met de meeste thalers wint het spel.

In een tweede fase doen enkel bonenkaarten mee met een iets uitgebreidere boon-o-meter. Je zal nu beslissingen moeten maken: doe ik mijn bonen weg voor één thaler, of spaar ik nog een klein beetje langer om twee thalers te ontvangen? Je hebt bij al deze bonen namelijk twee opties. In een volgende fase kunnen alle bonen samen gebruikt worden, zowel die met één thaler als die waar je ook twee thalers mee kan verdienen. Vanaf nu is er geen reservestapel met bonenthalers maar wordt het basis oogstprincipe uit Boonanza aangeleerd: wanneer je oogst hou je één (of twee) kaarten die je omdraait als bonenthaler en leg je enkel de overige kaarten op de aflegstapel. Om alles in goede banen te leiden krijgen de speler(tje)s in deze fase een derde bonenveld ter beschikking. In een volgende stap is het gedaan met de regel waarbij je verschillende soorten op één veld mag planten. Als je een kaart wilt/moet planten die je nog niet bezit dan zit er niets anders op dan een bestaand veld te oogsten, ook al verdien je daar deze keer geen thalers mee… In een volgende stap krijg je het derde bonenveld niet meer automatisch maar zal je het moeten aankopen voor drie thaler, en in de voorlaatste stap worden de kaarten op hand genomen en liggen ze niet meer zomaar op tafel. Tenslotte wordt de regel bijgevoegd waarbij je een veld dat maar uit één boon bestaat niet mag oogsten wanneer je op één van je andere velden meer bonen geplant hebt. Na deze stap zijn de jonge moestuiniers klaar voor het echte spel. Je kan deze junior variant naar believen combineren met het basisspel.

Onze mening

Dat er – eindelijk – een junior versie verschijnt voor Boonanza kunnen we alleen maar toejuichen, maar dat hadden jullie wellicht al kunnen voorspellen. De leeftijdsaanduiding 4+ lijkt ons op het eerste zicht jong, maar we konden het (nog) niet proberen met iemand van die leeftijd. We speelden de gemakkelijkste versie met kinderen van 7 jaar en ouder, zij waren alvast grote fans van deze Boonanza. Je merkte wel dat ze het zeer snel onder de knie hadden en al snel klaar waren voor een volgende stap, dus je kan er zeker wel vroeger mee beginnen. Het is duidelijk voelbaar dat deze variant mede door pedagogen ontwikkeld is, het zit geweldig in elkaar. Ze leren de basisregels van Boonanza, dankzij de openliggende kaarten kan je hen perfect helpen en tips geven. De kinderen krijgen ook wat inzicht, ze weten al snel welke bonen beter zijn dan anderen en leren ook beter onderhandelen. De verschillende stappen om het basisspel aan te leren zijn heel goed gevonden. Enerzijds lijken het kleine stapjes, anderzijds zijn ze gewoon compleet. Als je kinderen enthousiast zijn over deze versie kunnen ze voor je het al te goed beseft meespelen met de volwassenen. Het materiaal is naar ons mening iets minder kindvriendelijk. De briefjes die de bonenvelden moeten voorstellen zijn vrij dun en zien snel af, we hadden liever een iets dikker karton gezien daarvoor. De tekeningen zijn – zoals altijd – heel leuk en mooi. Wat extra goed is in deze versie is dat de tekeningen zowel meisjes als jongens aanspreken. Er zijn namelijk prinsessenbonen, maar even goed draken! Een klein nadeel is wellicht dat je minstens met 3 moet zijn, maar dat is ook met het basisspel al zo. Bovendien kan je de (jongste) kinderen best niet alleen laten spelen, ze kunnen in het begin best wel wat hulp van een volwassenen gebruiken. Helaas is dit spel (nog) niet in het Nederlands verkrijgbaar en zal je best wat moeite moeten doen om de Duitse versie te bemachtigen. Als je zelf de spelregels onder de knie krijgt is deze variant wel perfect te spelen met de kinderen, op de kaarten en/of velden is namelijk geen woordje tekst te bespeuren. De verschillende bonen krijgen vanzelf hun bijnaam, al snel klinkt de vraag “Wil je die boef ruilen tegen mijn koning?”. Wij zijn alvast meer dan overtuigd van dit kinderspel, wees maar zeker dat dit hier binnen een kleine vier jaar nog vaak op tafel zal verschijnen!

Conclusie: Mein erstes Bohnanza is niet alleen een ideale opstap naar het basisspel Boonanza, maar is ook gewoon een heel leuk en leerrijk kaartspel voor kinderen!

BohnanzaMein erstes Bohnanza

Auteurs: Heike Kiefer, Hayo Siemsen & Uwe Rosenberg
Uitgever: Amigo Spiele
Aantal spelers: 3 – 5
Tijdsduur: ± 30 min.
Vanaf 4 jaar

Smart Egg

Spelbeschrijving

Smart Egg is een klein labyrinth in de vorm van een ei. De bedoeling is zeer eenvoudig: steek het stokje in de bovenkant van het ei, beweeg het door het doolhof en trek het er langs de onderkant weer uit! Deze slimme eieren vind je in zes verschillende soorten en in verschillende moeilijkheidsgraden. De gemakkelijkste (“Groovy”) is level 3, de moeilijkste (“Skull”) gaat momenteel tot level 9!

Smart Eggs

Onze mening

Van zodra je zo’n Smart Egg uit z’n doosje haalt is de verslaving begonnen. Bezigheidstherapie voor kinderen vanaf 6 jaar. Het Smart Egg dat wij hebben getest was level 4, wat achteraf de tweede gemakkelijkste bleek te zijn. Maar goed ook, want we hadden nog geen 5 minuutjes nodig om de oplossing te vinden. Nu ja, het is dan ook vanaf 6 jaar. We zijn alvast benieuwd of we level 9 ook zo snel onder de knie zouden hebben. Het werkt verslavend en liefst van al wil je meteen de hele collectie proberen. Wees er maar zeker van dat je dochter of zoon ook graag de andere zal willen hebben van zodra zij/hij de oplossing van één ei gevonden heeft. Eens de verzamelwoede voorbij is en alle oplossingen gevonden zijn wordt het wellicht één van de vele dingen die in de kast liggen en wellicht zelden of nooit nog het daglicht zien, het zoekplezier blijft namelijk niet eeuwenlang duren.

Conclusie: Smart Egg zorgt voor een korte periode van bezigheidstherapie!

Smart Egg

Met dank aan Goliath!

Met dank aan Goliath!

Smart Egg

Uitgever: Goliath Games
Aantal spelers: 1
Tijdsduur: ± 10 min.
Vanaf 6 jaar

Snuffie Hup Compact

Spelbeschrijving

Goliath komt deze zomer met een compacte versie van het leuke Snuffie Hup. De bedoeling blijft hetzelfde: kies een worteltje en trek het uit de basis… maar pas op! Kies het juiste worteltje en voorkom dat Snuffie de lucht in vliegt! Als Snuffie omhoog springt tijdens jouw beurt ben je uit, alle andere spelers maken zich klaar voor een tweede ronde en duwen alle worteltjes (én Snuffie) terug in de basis. Op deze manier wordt er verder gespeeld tot er slechts één speler overblijft, deze speler is de winnaar!

Onze mening

Vorig jaar speelden we de normale versie Snuffie Hup al met ons jongste neefje. Het is zo’n eenvoudig en doelloos kinderspel dat gewoon leuk, spannend en mooi is. Meer hoeft het voor de jongste kinderen vaak niet te zijn. Los daarvan valt het gewoon niet te vergelijken met de meeste andere spellen op onze website: er is weinig inhoud of zit geen strategie achter, je neemt gewoon worteltjes. Deze compacte versie bevat geen losse onderdelen en is daardoor ideaal om mee te nemen op reis of om te spelen in de auto. Terwijl de wortels in de originele versie (voor de jongste kinderen) vrij moeilijk uit de basis te trekken zijn is dat hier niet het geval. Het is wel steeds dezelfde wortel die Snuffie de lucht in duwt, je moet dus echt de spelregels volgen en na het induwen van de wortels Snuffie enkele keren draaien zodat niemand nog weet welke wortel het was. Eens de kinderen dat doorhebben zijn er wellicht steeds deugenieten die op die manier zullen proberen vals spelen. Deze compacte versie is geen spel dat je steeds opnieuw op tafel zal leggen, maar toch is het een leuke afleiding voor op reis!

Met dank aan Goliath!

Met dank aan Goliath!

Snuffie Hup Compact

Uitgever: Goliath Games
Aantal spelers: 1 – 4
Tijdsduur: ± 5 min.
Vanaf 4 jaar

 

Mmm!

Spelbeschrijving

“Dag allemaal, ik ben Charlie, de huismuis. Mijn vrouw en ik organiseren een grote familie bijeenkomst en ik zou niet willen dat ze iets te kort komen. Daarom moet ik een grote voorraad inslaan, maar… het lukt me niet in mijn ééntje! De grote, zwarte kat van de familie Smith (je weet wel, de mensenfamilie die ook in mijn huis woont) gaat er steeds met al dat lekkers vandoor. Ben je er klaar voor? We hebben geen tijd te verliezen!”

Als je aan de beurt bent dobbel je met de drie dobbelstenen, daarna moet je minstens één dobbelsteen op het bord kunnen plaatsen. Als je dat niet kan dan is je beurt al meteen voorbij en wordt de zwarte kat één stapje dichter bij de deur gezet. Dat wil je niet te vaak meemaken want als de kat de keuken bereikt is het spel achter de rug en zijn we allemaal samen verloren. In het andere geval plaats je minstens één dobbelsteen op het bord, de andere dobbel je opnieuw. En dan maar hopen dat je weer minstens één dobbelsteen op het bord kunt plaatsen, of je belandt in hetzelfde scenario als hierboven beschreven. Van zodra je de drie dobbelstenen op het bord hebt kunnen plaatsen worden de dobbelstenen vervangen door muizenfiches. Als je daarbij een volledig ingrediënt hebt verzameld gebeurt er niets, als je dat niet hebt gedaan wordt de zwarte kat – alweer – een stapje dichter bij de deur geplaatst. Je zal dus proberen elke beurt drie dobbelstenen op het bord te leggen en daarbij steeds één ingrediënt volledig te verzamelen. Als we daar in slagen vooraleer de huiskat de keuken bereikt winnen we allemaal samen het spel, in het andere geval wint de gemene kat.

Onze mening

Mmm is een coöperatief kinderspel met erg leuke, mooie en vooral aantrekkelijke illustraties. Dankzij de eenvoudige spelregels kunnen jonge kinderen al snel meespelen, plezier gegarandeerd! Niet alleen de kinderen, maar ook onze volwassen medespelers beleefden veel plezier aan dit dobbelspelletje. Het bord is dubbelzijdig bedrukt, je kan dus kiezen voor een eenvoudige of een moeilijkere variant. De eenvoudige variant bevat kleinere ingrediënten waardoor het gemakkelijker wordt om elke ronde één ingrediënt te vervolledigen, bij de moeilijke variant is dat uiteraard niet het geval. Je moet hier en daar wat keuzes gaan maken, begin je al aan die grote ingrediënten of speel je op safe met een klein stuk kaas? Het blijft een dobbelspel, de ene keer win je het spel met alle gemak, de andere keer blijft het spannend tot de allerlaatste worp en win je het spel maar zeer nipt… of je moet je gewonnen geven aan de grote, zwarte huiskat.

Conclusie: Een coöperatief dobbelspel dat zowel bij de kinderen als bij de volwassenen in de smaak viel!

Mmm!

Met dank aan Pegasus Spiele!

Met dank aan Pegasus Spiele!

Mmm!

Auteur: Reiner Knizia
Uitgever: Pegasus Spiele
Aantal spelers: 2 – 4
Tijdsduur: ± 15 min.
Vanaf 5 jaar