Happy Hopping

Het Duitse Pegasus Spiele brengt dit jaar Happy Hopping op de markt. Een spelletje waarbij kikkers door de lucht springen, op zoek naar de beste locatie in en rond de vijver.

Matteo (4j.) en Kobe (7j.) spelen Happy Hopping

Om jonge kinderen wat te helpen zijn er stokjes voorzien waarmee je de kikkers kan lanceren. Elke ronde wordt er een andere opdracht open gedraaid. De ene keer speel je tegen de tijd (vb. “als eerste je kikker in het vijvergedeelte van je eigen kleur) terwijl je andere keren alle kikkers laat wegspringen om bijvoorbeeld het meeste kikkers in een bepaald veld te krijgen. Na elke ronde krijgt de winnaar mosquito-kaarten. Pas op het einde van het spel wordt er bepaald welke mosquito-kleur de belangrijkste is, en dus wie de winnaar is.

Beide kindjes zijn enthousiast over het laten springen van de kikkers. De opdrachten zijn leuk om gericht te (leren) schieten. Verder zijn we echter weinig enthousiast over het spel, los van het schieten en de inviduele opdrachten voelen we weinig samenhang in het spel. Je verdient mosquito-kaarten door een ronde te winnen, maar dan moet je alsnog wachten op het slot om te weten welke mosquito-kaarten nu voor de overwinning zorgen. Een twist die voor ons overbodig is. Als familie zullen we dit zelden zelf kiezen, maar zoiets is ongetwijfeld leuk met jonge kinderen onder elkaar.

Happy Hopping, Pegasus Spiele, 10 min., 2-4 jaar, vanaf 6 jaar

Matteo speelt Het Muizenhuis

Matteo (4j.) speelt Het Muizenhuis

Kobe en Matteo ontdekten Het Muizenhuis op Spiel 2022, daar konden ze het spelletje proberen op de stand van het Franse Gigamic (onder de titel Peek-a-Mouse). Er stond zelfs een levensgrote versie en de opdracht was simpel: je wandelt door het huis en je observeert alle details. Als je na 30 seconden buiten komt werden er heel vragen op je afgevuurd: “Lagen de Lego blokken in de slaapkamer? Wat lag er in de badkamer? …”.

Thuis bekeken we het spel meer in detail, en wauw, wat een constructie! De manier waarop het 3D-huis wordt nagemaakt in de doos, met muren en zelfs met een lichtje erin, is ronduit indrukwekkend. Bovendien zit het allemaal behoorlijk stevig in mekaar zodat het tegen een stootje kan. Met het lichtje hadden wij persoonlijk wat pech, de inbegrepen batterijtjes waren plat en bleken helemaal niet zo gemakkelijk te vinden (CR1220). Na 5 winkels en dan maar een online bestelling konden we eindelijk beginnen spelen, en dat maakte die frustrerende batterij-zoektocht stiekem meteen goed!

Eén speler dropte de houten voorwerpen in het huis en schudt ze in het rond, en dan kan het spel beginnen! In het bordspel kunnen we uiteraard niet wandelen, maar met een ingebouwde timer op het lichtje krijg je exact 30 seconden tijd om door de raampjes van het huis te piepen. Luidop communiceren (“Ik zie hier de sleutels liggen!”) helpt om later om de vragen op te lossen. Na 30 seconden richten we onze aandacht gezamenlijk op het vragenbord. Dat heb je in 4 moeilijkheidsgraden. Willekeurige fiches zorgen ervoor dat de vragen telkens anders zijn, nu is het aan jullie om als team correcte antwoorden te formuleren, zonder te spieken uiteraard! De vragen gaan zowel over de locatie van de voorwerpen, maar ook over hun relatie onderling en over hun kleur.

Uiteindelijk worden de vragen verbeterd en kan je punten verdienen. Na 4 ronden kan je maximaal 16 punten verdienen, maar vanaf 12 punten wordt het als een overwinning beschouwd. Meestal houden wij niet van zo’n flauwe ‘winst-omschrijvingen’, maar bij het Muizenhuis past dit heel goed. Wij ervaren dit dan ook niet alleen als een coöperatief spel, maar eerder als een soort familiequiz. Zowel Kobe als Matteo willen er steeds voor gaan om de maximale score te behalen, maar dat is heus niet zo eenvoudig als het klinkt! Zeker niet nadat je de moeilijkheidsgraad ook zelf kan bepalen in 4 niveaus. De spelsituatie en de vragen zijn altijd anders, wat de herspeelbaarheid zeker ten goede komt. Onze kindjes letten van nature altijd heel erg op de kleinste details die ze observeren, waardoor Het Muizenhuis ook écht iets voor hen is. Observeren, memoriseren en quiz’en, een geslaagd recept voor een gezellig momentje rond de tafel. Wanneer de kamer licht verduisterd wordt is het overigens nog gezelliger om Het Muizenhuis te spelen!

Het Muizenhuis, Asmodee, 20 min., 2-6 spelers, vanaf 5 jaar
Peek-a-Mouse, Gigamic Spiele

Tempo

Kobe (7j.) speelt Tempo

Tempo is een spelletje van de Spaanse uitgever GDM Games. We ontmoetten de ontwerpers op Spiel 2022 en als muzikant zijnde kon ik dit natuurlijk niet laten liggen. Thuis werd al snel duidelijk dat dit soort spelletjes valt of staat met het juiste publiek, nog meer dan eender welk ander spel. In Tempo gaan we namelijk samen muziek maken, of eerder: ritmes opzeggen.

Eén speler is dirigent en deelt alle andere spelers een kaart toe. Daarop staat telkens een ritme uitgeschreven (1, 2, 3 of 4 noten per tel) met bijhorende tekst of gebaren. De rest is eenvoudig: de dirigent geeft het tempo aan en telt, de muzikanten voeren uit. Aan de dirigent om te controleren of iedereen het juist doet. Fouten worden bestraft, wanneer je een ronde (van 4 ritmes) foutloos kan uitvoeren krijg je de moeilijkste kaart als punten.

In plaats van een leeftijdsaanduiding (10+) zou ik hier eerder neigen naar mensen die houden van muziekmaken, op welk niveau dan ook. Sommigen in het thuisfront vonden dit dan ook helemaal niks. Kobe, die ook muzieklessen volgt, vond het wel fijn om een keer te doen, maar zal het nooit als zijn favoriete spel kiezen. Ik speelde het ook met enkele tieners tijdens hun muziekles, zij vonden het dan weer geweldig. Lachen geblazen met de grappigste combinaties zoals Wakawaka – hey – waka – sin! Ook hier hadden we echter wel het gevoel dat het verdelen van de punten niet altijd logisch verloopt, want naast het uitvoeren moet je ook gewoon wat geluk hebben met de kaarten die je toegedeeld krijgt. Winnen of punten staan in dit spel echt niet centraal, het gaat er gewoon om plezier te maken met muziek!

Tempo, GDM Games, 10 min., 2-6 spelers, vanaf 10 jaar

Matteo speelt Gummiland

Matteo (4j.) speelt Gummiland

Welkom in Gummiland! Dit kleurrijke en zoete spelletje trok meteen de aandacht van onze Matteo. Het materiaal geeft vervolgens ook een geweldige eerste indruk, met o.a. 4 knappe Gummie-doosjes en 3 geheime doosjes voor uitbreidingen. De spelregels vond ik erg verwarrend geschreven. Het thema dat hierop geplakt werd (met snoepjes die je moet ‘kietelen’ om uit de doos te lokken) is wel erg ver gezocht en sprak ons niet meteen aan. Tijdens het eerste spelletje was het een beetje zoeken, maar gelukkig werd het al snel duidelijk.

In Gummiland start je elke beurt door 2 gummies uit je doosje te duwen (“kietelen”) met een pluimpje. Zo begint het spel alvast met een heel leuk principe. Op de gummies die tevoorschijn komen staan bepaalde stukken fruit, daarmee kan je de wilde gummies naar jou lokken. Als je geen enkele Gummie kan lokken dan blijven je gummies liggen, de volgende ronde hebt je vast wel voldoende voorraad om nieuwe gummies aan te trekken. Die nieuwe gummie gaat vervolgens (samen met diegene waarmee je ‘betaald’ hebt) in je doosje en kan je later in het spel weer gebruiken om nieuwe gummies te lokken. Op die manier ben je wat aan het opbouwen, de wilde gummies zijn meestal beter dan je oorspronkelijke startvoorraad. Door ze op een slimme manier terug in je doosje te steken probeer je de beste gummies zo snel mogelijk weer te hergebruiken. Op deze manier maken kinderen op een zeer toegankelijke manier kennis met het principe van “deck-building”.

Hoewel de spelregels niet meteen duidelijk waren, waren we al in de eerste beurten echt fan van Gummiland. Het is een eenvoudig kinderspelletje maar toch heeft het voldoende inhoud/uitdaging om iets te triggeren. De leuke manier van spelen (met o.a. die doosjes waaruit je de fiches tevoorschijn tovert) is ook super verslavend. Het spel voorziet ook een avontuurmodus die wat doet denken aan een legacy-game. Door een spel te eindigen in een bepaalde situatie kan je tot 3 keer nieuwe gummies vrijspelen, tot dan zitten die verstopt in één van die leuke doosjes. De manier waarop je dat moet vrijspelen staat naar ons gevoel niet 100% op punt, maar dat neemt niet weg dat het wel heel leuk is om nieuwe gummies toe te voegen en zo ook nieuwe acties in het spel te krijgen. Gummiland is ongetwijfeld een spelletje dat hier nog regelmatig op tafel zal komen, zowel met het gezin als met vriendjes die passeren. Een absolute aanrader voor jonge kinderen!

Gummiland, Blue Orange Games, 20 min., 2-4 spelers, vanaf 6 jaar

Kobe en Matteo spelen Die Wandelnden Türme

Matteo (4j.) en Kobe (7j.) spelen Die Wandelnden Türme

Die Wandelnden Türme was op Spiel 2022 nieuw bij het Duitse Abacusspiele, een uitgever die de laatste jaren al heel wat toppers op de markt bracht. De leuke 3D-torens en de vele gekleurde mannetjes uit dit spel trokken meteen onze aandacht en speelden ons eerste potje dus meteen op de beurs!

De bedoeling is eenvoudig: drop al je meeples in het zwarte kasteel en win het spel! De spelregels zijn ook op 2 minuten uitgelegd. Tijdens jouw beurt kan je namelijk 2 actiekaarten uitspelen, daarmee kan je torens en/of meeples over het landschap verplaatsen. Door zo’n toren over andere meeples te verplaatsen kan je één van je toverdrankjes vullen, die heb je namelijk allemaal nodig om je laatste meeple in het zwarte kasteel te kunnen droppen! Continu alert blijven is dus de boodschap, want voor je het weet zijn jouw meeples verstopt onder één van de vele torentjes en verlies je kostelijke acties om ze terug te vinden. Tegelijkertijd ben je de hele tijd aan het plannen, kan je het aantal stapjes met die torens en je meeples zo uittellen zodat er een meeple in het kasteel eindigt? Klein detail: dat kasteel beweegt ook nog eens elke keer er een meeple in komt, soms rendeert het dus om je meeple gewoon even te laten wachten. Aan jou om de juiste beslissing te nemen op het juiste moment! De uitgever voorziet meteen ook heel wat extra acties die je (mits het gebruik van toverdrankjes) kan inzetten voor een uitdagender spel!

Vrij eenvoudige spelregels, maar tijdens het spelen voel je al snel meer diepgang dan je op het eerste zicht zou verwachten. Dat is bij ons toch vaak een succes-recept voor een licht familiespel. De manier waarop je die regels naar je hand probeert te zetten en steeds het onderste uit de kan probeert te halen smaakt naar meer. 3D elementen in een spel zijn altijd leuk, maar het concept om meeples mét hun torens te verplaatsen of te verstoppen is toch best vernieuwend. Die Wandelnden Türme speelt best vlot en hier geld vooral: hoe meer spelers, hoe meer vreugd! Voor 2 spelers zouden we het niet meteen aanraden, maar het kan. Dit spel is voor ons zeker een aanrader voor gezinnen die houden van niet al te complexe spellen, stiekem hopen we dat er snel een Nederlandstalige versie volgt!

Die Wandelnden Türme, Abacusspiele, 30 min., 2-6 spelers, vanaf 8 jaar

Topic_

Kobe (7j.) speelt Topic_

Het doosje van Topic_ trok meteen onze aandacht, zonder echt goed te weten waar het eigenlijk over ging. Topic_ is een woordspelletje, een korte filler voor de taalliefhebbers onder ons! Met de dikte van de speelstapel kan je vooraf bepalen of je een kort, een gemiddeld of een langer spel wilt spelen. De spelregels zijn vervolgens in 2 minuten uitgelegd.

De bovenste kaart van de stapel bepaalt het aantal lettergrepen dat de woorden moeten hebben, vervolgens moet je op de opengedraaide kaart het thema zoeken en zo snel mogelijk een passend antwoord roepen! Voorbeelden voor het thema ‘energie’ met 3 lettergrepen: batterij, verwarming, energie,… De speler die als laatste een woord verzint krijgt de kaart als soort van strafpunt. Heel af en toe komt het voor dat het aangegeven thema niet op de kaart te vinden is, dan moet je zo snel mogelijk je hand op de stapel leggen. Ook hier wordt de laatste speler weer gestraft.

Hoewel ik bij de spelregels het gevoel kreeg dat Topic_ heel eenvoudig was, bleek tijdens het spelen dat het soms toch moeilijker was dan verwacht om op de juiste woorden te komen. Kobe merkte meteen op dat iets zoals Topic_ zeer geschikt zou zijn om op school te spelen als ze nieuwe woordenschat aanleren. Ze oefenen niet alleen op nieuwe woordenschat maar trainen ook executieve functies (reactiesnelheid, flexibiliteit en volgehouden aandacht). Taalspelletjes zijn niet helemaal ons ding, en dat is ook met Topic_ het geval, maar volgende keer dat ze op school nog eens een spelletje zoeken is Topic_ het eerste dat we voorstellen!

Topic_, Sit Down, 20 min., 2-6 spelers, vanaf 8 jaar

Kobe speelt Starship Captains

Kobe (7j.) speelt Starship Captain

De Tsjechische uitgever CGE (Czech Games Edition) heeft al heel wat pareltjes op de markt gebracht. De verwachtingen voor Starship Captains lagen dus stiekem al torenhoog. In dit spel word jij kapitein van een ruimteschip, klaar voor een reis door het heelal? Op het speelbord zie je het heelal met planeten, ruimtestations en zelfs piraten! Met je ruimteschip reis je rond om missies te voltooien op planeten, voordelen te sprokkelen in de ruimtestations en piraten te verslaan onderweg!

Hoe dat ruimteschip er aan de binnenkant uitziet zie je op je persoonlijke spelersbord. Daar heb je ruimte voor technologieën, medailles, artifarcten en natuurlijk: jouw bemanning! Die krijg je in verschillende kleuren, elk met hun eigen specialiteiten. Het is aan jou om hun talenten te benutten en elke astronaut op het juiste moment in te zetten zoals bij een workerplacement. De ene kan je schip besturen, de andere kan piraten verslaan en de laatste focust zich op de investeringen in nieuwe technologieën. Door missies te voltooien of piraten te verslaan kan je bepaalde voordelen verdienen waardoor je steeds sterker wordt. Met de medailles die je verdient kan je jonge astronauten opleiden of zelfs promoveren tot commandant. Het spel wordt gespeeld in 4 ronden, op het einde van zo’n ronde (gewoonlijk wanneer al je astronauten zijn ingezet) schuiven al je astronauten door in de rij, stiekem het allerleukste momentje van het spel!

Starship Captains is een behoorlijk uitdagend en lang spel. De leeftijdsaanduiding (12+) geeft een goed en eerlijk beeld, Kobe (die natuurlijk héél wat spelervaring heeft) vond dit spel echt de max. En gelijk heeft ie, want ook wij als mama’s zijn duidelijk enthousiast. Enerzijds heb je de herspeelbaarheid: élke speelsessie ziet je heelal en het aanbod aan technologieën er anders uit waardoor elk spel ook telkens anders evolueert. We houden van workerplacement, maar hier is dat net dat tikkeltje anders. Je werkers hebben elk hun eigen mogelijkheden, ze komen ook niet rechtstreeks terug maar moeten eerst ‘aanschuiven’ in de rij, je kan ze (her)opleiden of promoveren. Kortom: heel veel mogelijkheden en heel veel zaken om rekening mee te houden! Hoewel de speelduur best lang is (25min/speler) voelt het helemaal niet zo lang aan. Wij speelden best vlot en zaten ook telkens onder de aangegeven tijdsduur. Het materiaal is (zoals we wel van CGE gewoon zijn) van uitstekende kwaliteit met alweer prachtige illustraties. De tekst op de kaartjes is wel taalgevoelig, maar die komen altijd open op het (technologie-)bord te liggen waardoor die gemakkelijk te vertalen zijn voor jongere enthousiastelingen die de Engelse taal nog niet machtig zijn. Starship Captains is voor ons voorlopig één van de toppers van Spiel 2022 en hopen we nog heel vaak – met jong en oud – op tafel te leggen!

Starship Captains, Czech Games Edition, 25min./speler, 2-4 spelers, vanaf 12 jaar

Fairy Lights

Dit vrolijke Fairy Lights brengt ons al helemaal in wintersfeer. De kaartjes in het spel vormen schattige illustraties van lichtslingers. Het spelmechanisme is een combinatie van push-your-luck en set-collection. Een spelersbeurt bestaat dan ook uit 2 fases: eerst kan je de winkel aanvullen (tenzij er al 5 kaarten liggen), met het risico dat je jezelf kapotspeelt. Hoe meer kaarten in de winkel, hoe groter de kans dat je in fase 2 een mooiere buit kan verzamelen, maar evenwel zorg je voor 2 dezelfde kleuren op een rij en stopt je beurt onmiddellijk. Je tegenstanders zullen je dankbaar zijn, want in de volgende fase kan je één kleur kaarten uit de winkel kiezen (2 wanneer de winkel vol ligt), en daar draait het uiteindelijk om!

Je probeert namelijk setjes van dezelfde kleur te verzamelen, een veelvoud van drie, om correct te zijn. Wanneer je nog maar 1 of 2 kaarten hebt is je set nog in ontwikkeling, maar vanaf dan is het erop of eronder. Een veelvoud van drie gaat naar je puntenstapel, elk ander aantal gaat naar de aflegstapel. De sterren op de kaarten zullen aan het einde van het spel je puntentotaal bepalen, terwijl niet-afgewerkte-sets voor minpunten zorgen.

Fairy Lights biedt een combinatie van mechanismen die we nog maar zelden samen zagen. Het push-your-luck-aandeel is in veel spellen verslavend, maar hier ervaren we het vooral als een grote, onnodige geluksfactor in het spel. De manier waarop je setjes verzamelt is wel verrassend en zorgt voor een leuke twist in het verhaal. De achterkant van de kaarten is wat apart, ze tonen de inhoudstafel van het aantal kaarten per kleur. Hierdoor kan je opvolgen hoeveel kaarten er nog moeten komen. De gouden lichtjes leveren 4 punten per kaart op, maar met slechts 5 kaarten in het spel kan hooguit één speler een set van drie maken. De speler die daarin slaagt heeft met die 12 extra punten meteen een grote kans op de overwinning. Wij hebben zeker en vast plezier beleefd aan Fairy Lights, maar ons favoriete spel zal het niet worden. Fairy Lights is een heel licht, laagdrempelig en snel kaartspelletje. Kobe zou het gerust nog eens meenemen om op school te spelen, maar ook op familiefeestjes kan Fairy Lights voor wat sfeer zorgen.

Fairy Lights, Sit Down Games, 20 min., 2-6 spelers, vanaf 8 jaar

Kobe speelt Triggs

Kobe (7j.) speelt Triggs

NSV was dit jaar de eerste stand waar we naartoe gingen als we toekwamen op Spiel 2022. Deze Duitse uitgever slaagt er élk jaar in om super leuke kaart- of dobbelspelletjes op de markt te brengen. De meeste spelletjes worden inmiddels ook bijna rechtstreeks vertaald door White Goblin Games, denk maar aan Qwixx, Qwinto, en zoveel meer. Dit jaar kwamen ze met Triggs, en ook hier gaan we weer kruisjes zetten en rekenen! Wie er als eerste in slaagt om alle getallen op het scoreblad aan te kruisen, wint!

Als je aan de beurt bent heb je drie mogelijke acties: kaarten nemen, kaarten wegleggen of kaarten uitspelen. Wanneer je kaarten neemt moet je er exact 2 nemen, daarbij kan je kiezen tussen de open of verdekte stapels. Kaarten wegleggen wordt minder frequent gebruikt, hoewel het in sommige situaties wel van pas kan komen! De actie waar je vooral naartoe werkt is natuurlijk de laatste, waarin je kaarten probeert te combineren om zoveel mogelijk kruisjes in één beurt te kunnen zetten. Je mag dan één getal kiezen waarvan je zoveel mogelijk combinaties maakt. Als je vb. de 10’en wilt aanduiden kan je de 10, 3/7 en 4/6 uitspelen om drie kruisjes te zetten. Als je bovendien alle handkaarten uitspeelt mag je meteen 5 nieuwe kaarten op hand nemen, daar spaar je maar liefst 3 beurten mee uit! Nog meer bonussen voor wie het laatste vakje in een rij aanduidt, want die krijgt meteen een gratis extra kruisje, of maak jij er zelfs een heuse kettingreactie van?

Zowel Kobe als wijzelf waren meteen enthousiast over Triggs. Het is eigenlijk best indrukwekkend hoe ze bij NSV telkens weer vernieuwend uit de hoek komen voor iets wat toch ‘het zoveelste’ in een categorie is. De look & feel, en dus ook het verslavende effect van Triggs is gelijkend met de voorgaande fillers uit de reeks, maar toch is het voldoende anders om weer in huis te halen. Je gaat toveren met getallen en proberen om mooie combinaties uit je hoed te toveren. Eenvoudig om uit te leggen en dus met iedereen te spelen! De scoreblok is behoorlijk dun, maar je kan elk scoreblaadje wel 4 keer gebruiken. Hopelijk volstaat dat, want Triggs gaat hier ongetwijfeld nog vaak op tafel komen!

Triggs, NSV Spiele, 2-4 spelers, 20 min., vanaf 8 jaar

Kobe speelt HEAT: Pedal to the metal!

Heat: Pedal to the metal, één van de absolute toppers dat op Spiel 2022 werd voorgesteld. Days of Wonder staat garant voor kwaliteit, en dat voel je ook hier al bij het openen van de doos. Een berg aan (mooi!) materiaal, een handige insert, 2 dubbelzijdige spelersborden én 2 handleidingen. Eén daarvan legt je de basisprincipes uit, de tweede voegt er een hoop modules aan toe. Klaar voor de start? GO!

In Heat kruipen we in de rol van racepiloot en gaan we racen over een parcours in Frankrijk, Groot-Brittanië, Italië of USA! Met 4 race-circuits krijgen we alvast heel wat variatie om het spel mee te beginnen. Elke speler krijgt een persoonlijk dashboard, daar leg je je spelerskaarten neer en zie je een mooie samenvatting van de acties doorheen het spel. In het basisspel begint elke speler met hetzelfde kaartendeck, in de modules kan je er later voor kiezen om dat deck al draftend samen te stellen. Hoe dan ook neem je hiervan 7 kaarten op hand om het spel te beginnen. We starten de ronde (gezamenlijk) door te schakelen, realistisch gewijs kunnen we ook maar één versnelling hoger of lager schakelen als we geen schade willen oplopen aan onze motor. De versnelling waarin we staan bepaald hoeveel kaarten we kunnen uitspelen.

Kobe (7j.) speelt HEAT

Meestal spelen we voornamelijk snelheidskaarten, de waarde (0-5) op de kaarten geeft dan aan hoever onze auto verder racet. Stress-kaarten zijn wat spannender aangezien die pas na het uitspelen een waarde toegewezen krijgen door kaarten uit je deck open te draaien. Wanneer je bochten nadert kan dat éxtra spannend worden, want je moet je namelijk wel aan de snelheidsbeperkingen houden om niet overhit te geraken. Een klein risico kan je wel wagen zolang je heat-kaarten op hand hebt, die compenseren de overdreven snelheid maar vormen verder alleen maar rommel in je hand. Gelukkig zijn er gaandeweg ook manieren om terug af te koelen (bijvoorbeeld door terug naar de eerste versnellingen te schakelen) en heat-kaarten af te leggen. Op het einde van onze beurt vullen we onze handkaarten weer aan tot 7 en kunnen we terug aan de slag. Diegene die uiteindelijk als eerste over de finish rijdt, wint het spel.

Heat voelt heel realistisch aan, alles zit heel logisch in elkaar en het ‘klopt’ ook gewoon. Daardoor speelt Heat (ondanks de vele ‘kleine regeltjes’ die erbij komen) toch heel erg vlot. Om het nog realistischer te maken kan je weersomstandigheden aan het parcours toevoegen, dat heeft dan invloed op de snelheidsbeperking in de bochten of op de afstand dat je kan slippen. Dat zorgt er ook voor dat de herspeelbaarheid steeds groter wordt en elk spelletje Heat anders aanvoelt. De spelregels voorzien zelfs allerhande materiaal om echte kampioenschappen te organiseren, hierbij worden meerdere races na elkaar gespeeld (zelfs inclusief sponsors!) en wordt er een klassement opgemaakt tussen de races door. Het voelt alsof je de uitbreiding er gratis bij krijgt!

Heat doet heel erg denken aan Formula D, het heeft dezelfde look & feel maar dan met véél meer mogelijkheden. Geluk speelt nog steeds een factor in het spel. Je probeert wel strategische beslissingen te maken (welke kaarten speel je wanneer, wanneer schakel je op en wanneer net niet, …) maar het helpt wel om de juiste kaarten op het juiste moment in handen te krijgen. Je kan perfect een heel solide race gereden hebben om dan aan de finish geklopt te worden, zélfs dat is dus realistisch. Kobe vindt Heat een geweldig spel, ik ben er zeker van dat hij dit in de toekomst nog héél vaak zal willen spelen, en de mama’s zullen deze keer zeker geen nee zeggen! Bovendien is dit hét ideale moment om kaarten te leren schudden!

Heat: Pedal to the metal, Days of Wonder, 60 min., 2-6 spelers, vanaf 10 jaar